TORONTO

Toronto is New York run by the Swiss.
Peter Ustinov

TORONTO IS EEN WERELDSTAD

Meest etnisch diverse stad ter wereld

image
Toronto is de grootste stad in het op één na grootste land ter wereld. Maar tegelijkertijd is het een dorp, met bonte etnische buurten en landelijke buitenwijken.

Het zijn zoete herinneringen. Aan bijzondere stedenbezoeken. Berlijn, Wenen, Parijs, Londen, Kopenhagen, Malaga, Singapore, Kuala Lumpur, San Francisco, Miami, Los Angeles. Allemaal met een eigen charme. En toch springt één stad eruit: Toronto. Niemand denkt bij het kiezen van een stedenvakantie aan deze Canadese stad en dat is een grove fout. 'Toronto, dat is New York, maar dan gerund door de Zwitsers'. Acteur, schrijver en levenskunstenaar Peter Ustinov bedoelde het twintig jaar geleden naar verluidt als een belediging voor het saaie en brave Toronto. Maar de Canadese stad is de laatste twee decennia zo veranderd dat iedereen zijn uitspraak nu leest als dè aanbeveling van Toronto.
Toronto heeft de saaiheid afgeschud. De stad heeft zich in relatief korte tijd ontpopt tot het belangrijkste financiële centrum van Canada. En niet voor niets is Toronto in 1989 door de Verenigde Naties uitgeroepen tot de ‘meest etnisch diverse stad ter wereld’. Er wonen tachtig tot honderd verschillende etnische groepen die de stad bont kleuren. Verder is het de derde belangrijkste theaterstad van de westerse wereld, na Londen en New York. Geen loze kreet. Cijfers staven het: in Toronto worden jaarlijks dik zeven miljoen theaterkaartjes verkocht, niet veel minder dan in showbizzcity New York. Vijfduizend restaurants en ontelbare winkels moeten Toronto ook voor Westerse toeristen een aantrekkelijke stad maken. Moet lukken, zeker als spijkerbroeken van topmerken en cd's, om maar twee voorbeelden te noemen, er beduidend goedkoper blijven dan in Nederland. Voeg daar bij de musea, de grote attracties, de ligging aan het water en de sporttempels en de aantrekkingskracht van Toronto tekent zich even duidelijk af als de CN Tower tegen de skyline van de stad.

Paradox
En dan is er nog de grote paradox van de stad. In het hart van Toronto - zusterstad van Amsterdam - domineren hoogmoedige kantoorkolossen van glas en beton. Bouwwerken bedoeld om te imponeren; ze bezorgen je uiteindelijk een stijve nek van het omhooggapen. Maar even verderop wandel je in parken en plantsoenen, liefelijke en intieme woonbuurtjes, steeds weer andere etnische woonwijken vol exotische geuren en kleuren. De metropool Toronto is daar mijlenver weg. Wie een auto huurt en de stad uitrijdt, zit binnen een half uur in de natuur. Het moet een mix zijn die je in weinig andere wereldsteden tegenkomt. En, zo laat hier niemand na te vertellen, Toronto is veilig. Je kunt er dag of nacht rustig over straat lopen of van het openbaar vervoer gebruik maken (vandaar die vergelijking met Zwitserland: alles werkt hier vlekkeloos). Een Noord-Amerikaanse stad zonder de ongemakken van veel grote Amerikaanse steden.

Onmenselijk
Zoals gezegd: de herinneringen aan Toronto zijn zoet. Aan de binnenkomst van de stad Toronto over brede asfaltwegen die over en onder elkaar kruisen. De bezoeker komt meteen langs drukbezochte toeristische attracties als de hoge CN Tower en het sportstadion SkyDome en vervolgens langs de dozijnen betonnen en glazen kantoorkolossen van het financiële district. Samen met de blokdoosachtige pakhuizen en parkeerterreinen vol blik lijkt hier geen leven op menselijke schaal mogelijk. Hoe anders is de werkelijkheid in deze stadsjungle. De kantoorcomplexen blijken van dichtbij minder onmenselijk dan gedacht. Zoals het Toronto Dominion Centre (King Street West 55), ontworpen door Mies van der Rohe. Hoogreikend, overweldigend, een belichaming van wat volgens de befaamde architect moderne architectuur zijn moet, maar tegelijkertijd rond de gebouwen open ruimten. Hier en elders ook functioneel stadsmeubilair, veel kunst en ook kleine stadsparken. Die kantoorcomplexen herbergen geheimen. Neem het BCE-Place (ingangen aan Bay Street en Yonge Street). Het gebouw biedt binnen een lichtzinnig spel van materialen. Een glazen traverse wordt geschraagd door stalen pijlers, geen zware lompe pilaren, de Spaanse architect zocht de associatie met bomen. Veel licht, veel marmer. En zowaar: de façade van een historisch pand in dit complex. Het is de gevel van de vroegere Commercial Bank of Midland (1845), het oudste overgebleven stenen gebouw van de stad. Bij de bouw moest dit historisch erfgoed op last van de overheid gespaard blijven. En dat gebeurde. Alleen had niemand gezegd dat die façade op de originele plaats (Wellington Street) moest blijven. Dus ging de gevel - waar een nieuwe, moderne achterkant aan gekleefd werd - een meter of vijftien van de straatkant af en kwam zo midden in het nieuwe complex terecht. David Adler, journalist in Toronto: Ik geloof niet dat dit in Europa zou gebeuren. Maar hier wel, wij slopen dingen. Ik geloof dat de meeste mensen die gevel zien als de ultieme decoratie in dit hypermoderne gebouw.' Wie Toronto bezoekt, mag die kantoormastodonten dus niet links laten liggen. Ze bieden ook nog een andere eigenaardigheid. Loop bijvoorbeeld First Canadian Place binnen. Het lijkt in alles op een normaal bankgebouw, met veel marmer en koper. Wie de trap in de entreehal afloopt, komt in een winkelpassage die aangesloten is op een heel ondergronds netwerk van zo'n 1.200 winkels, vele eet- en drinktenten en zelfs hotels; zo'n honderd gebouwen worden ondergronds met elkaar verbonden. Het onderaardse winkelnetwerk is ruim, schoon en uitgestrekt; zo'n elf kilometer lang. Vooral in de winter een zegen voor de stad.

Bovenmaats
Het onderaardse labyrint eindigt in Toronto Eaton Centre, een bovenmaats winkelcentrum. Meer dan driehonderd zaken zijn hier te vinden (alleen al achttien schoenenzaken). Het koopparadijs (Yonge Street 220) trekt bijna een miljoen bezoekers per dag. Als dit winkelcentrum de gemiddelde smaak vertegenwoordigt en de wijk Yorkville de koophonger van de koopkrachtigsten stilt, dan is Queen Street West - een straat die van west naar oost de stad doorsnijdt - een goudmijn voor trendzetters. 'So hip it hurts' heet een van de winkeltjes daar en dat motto lijkt voor de hele straat te gelden. Het is een aangename aaneenschakeling van rommelzaakjes, kledingwinkels, boetieks, New-Agewinkels, tweedehandszaken.

Te voet
Wie te voet op ontdekkingstocht gaat, ziet het andere gezicht van Toronto. Dan bestaat de stad niet meer alleen uit bakbeesten van kantoren. Dan is Toronto een uiterst menselijke stad en een zeer kleurrijke. Kensington Market is dè illustratie van de multiculturele identiteit van de stad. Binnen het kader van enkele kaarsrechte straten is hier een duizelingwekkend aanbod aan winkels. Vroeger was het de joodse wijk. Nu loopt de bezoeker hier langs Senhor da Pedra, naast de familiezaken van Zimmerman en Ali Baba's Discount, Casa Ancoreana en Patty King ('We are the world, we are Jamaican'). Wie Kensington Street afloopt, komt ineens in een andere wereld, winkels heten Vibes, Gossip, Blue Moon en Noise. De zaken voor 'the tattoo crowd', punks. Wie verder loopt, een paar honderd meter maar, staat ineens in Chinatown. In tachtig minuten rond de wereld is hier echt mogelijk. Richmond Street is ook al zo'n vat vol verrassingen. Oude Victoriaanse huizen. Links hoor je Oekraïens gerebbel, enkele bejaarde mannen aan de overkant bekvechten in het Italiaans met elkaar, links hangt een Jezusportret gemaakt van Portugese tegels, de buurman heeft wimpels met Chinese spreuken rond zijn voordeur hangen. En ook wapperen trots Canadese vlaggen. Krekels zingen in het gras. Stadsgeluiden alleen op de achtergrond. En dit heet dan de Portugese wijk te zijn. Journalist David Adler: Toronto is zo'n levende stad omdat er mensen in het centrum wonen; mensen uit allerlei culturen'. De overheid heeft ervoor gekozen om de etnische minderheden niet te dwingen tot integratie. Alle minderheden kunnen hun eigen identiteit behouden; er worden lessen in andere talen gegeven in scholen en de straatnamen in diverse wijken zijn tweetalig. In Chinatown bijvoorbeeld in het Engels en het Chinees; Kantonees is in Toronto trouwens de tweede meestgesproken taal.

Rokers
Miljoenenstad Toronto vibreert van activiteit. Altijd. Ook al door de toeristen die er rondlopen. Zo rond de dertig miljoen per jaar; het merendeel komt uit Canada zelf. Er zijn altijd mensen op straat, in cafés, restaurants, theaters, winkelcentra. Zelfs rond de kantoren is het onder werktijd druk. Niet alleen hangen de fietskoeriers er rond tot hun diensten worden ingeroepen, er staan ook overal kantoorklerken in portieken. Door de strenge anti-rookwetten worden zij voor hun dosis nicotine naar buiten verbannen. Maar het juiste perspectief moet er wel blijven. St. Lawrence Market staat in wat hier Old Toronto wordt genoemd, gebouwen van rond 1850. Hoe betrekkelijk dat old is, blijkt uit de woorden van een Europeaanse bezoeker: Ik heb waterleidingen in mijn huis die ouder zijn.' Zoete herinneringen dus. Voor en na Toronto waren er vele steden, maar geen enkele verraste zo als deze Canadese wereldstad.
Gepubliceerd in o.a. Brabants Dagblad in 1998
(klik op datum voor originele vormgeving)

PRAKTISCH

In Toronto begint de langste straat ter wereld: Yonge Street. De straat begint aan het water van Lake Ontario (Queens Quay) en houdt pas 1.896 kilometer verder op, in Rainy River, Ontario, vlakbij James Bay. Wie een taxi neemt, is meer dan 2.000 Canadese dollars kwijt.
Dagtrips naar Niagara Falls zijn gemakkelijk te boeken in Toronto (bijvoorbeeld via hotels en reisbureaus). Die wereldberoemde watervallen liggen een autorit van ongeveer anderhalf uur van Toronto vandaan.
Superattractie in Toronto: de Canadian National ofwel CN Tower, jarenlang het hoogste gebouw ter wereld; 553 meter hoog. Een magnifiek uitzicht (volgens degenen die naar boven durven). Open sinds 1976. Op een heldere dag kijk je tot de Niagara Falls.
Toronto heeft een eigen Entertainment District (tussen Queen Street West, Lakeshore Boulevard, Spadina Avenue en York Street), met theaters, restaurants, nachtclubs, galeries en winkels. Zo'n 75 verschillende theaterproducties zijn er iedere maand te zien. Diverse oude theaters zijn te bezichtigen.
Het Martin Goodman Trail is bedoeld voor wandelaars, fietsers en skaters; 22 kilometer lang bewegen langs het water. Ook dat is Toronto.
Wayne Gretzky is een levende legende, zeg maar de Johan Cruijff van het ijshockey, maar dan nog beter. In Toronto heeft hij een 'eigen' eethuis: Wayne Gretzky's Restaurant (Blue Jays Way 99). Het eten is keurig, maar de souvenirshop en het inpandige 'museumpje' over 'The Great One' doen elke fan likkebaarden.
image
Stacks Image 21082
Zoals in elke Noord-Amerikaanse stad heerst ook in Toronto de sportverdwazing. Toronto is de thuishaven voor fameuze clubs als de Toronto Blue Jays (honkbal), de Toronto Argonauts (football), de Toronto Maple Leafs (ijshockey) en de Toronto Raptors (basketbal). Een wedstrijd bijwonen kan met een beetje moeite. Een absolute aanrader, want hier een wedstrijd meemaken is een zeldzame sensatie. Door de aanwezigheid van grote en kleine sportclubs is Toronto ook gezegend met allerhande sportwinkels. De leukste verkopen memorabilia, waarvan de prijzen op kunnen lopen van een paar gulden tot vele tienduizenden guldens.
Toronto herbergt enkele tientallen interessante musea. Het meest indrukwekkend is het Royal Ontario Museum (Queen's Park 100), het grootste museum van Canada. Daar zijn zo'n zes miljoen objecten (veel historie) tentoongesteld. Te veel voor één dag. Andere bijzondere musea zijn onder meer de Art Gallery of Ontario (Dundas St. W. 317) met 15.000 schilderijen en beeldhouwwerken, het Bata Shoe Museum (Bloor St. W. 327) en het Children's Own Museum (Queen's Park 90) voor kinderen van twee tot acht jaar en de Eskimo Art Gallery (Queens Quay 12) met de grootste verzameling Inuit-sculpturen. Maar een van de allerleukse musea is de Hockey Hall of Fame (Yonge St. 30-BCE Place), gewijd aan de godenzonen van het ijshockey. De grootste verzameling ijshockey-memorabilia ter wereld. Twee soortgelijke musea zijn: Canadian Golf Hall of Fame (Dorval Dr. 1333) en Canadian Motorsport Hall of Fame (Bay St. 777).
Excentriek is Casa Loma (Austin Terrace 1). De Canadese bankier Sir Henry Pellat verwezenlijkte tussen 1911 en 1914 zijn jongensdroom in Toronto: de bouw van zijn eigen kasteel. Compleet met geheime gangen.
Diverse Chinatowns, Greektown, Little Italy, een Indiase en een Portugese wijk; een van de grootste charmes van Toronto zijn de kleurrijke wijken. Zeker bezoeken en er vooral eten.
St. Lawrence Market is het oudste deel van Toronto. Daar begon het allemaal in 1783. Om een indruk te krijgen van de groei van de stad: in 1810 woonden er zo'n 600 mensen (in 1 bakstenen huis en 107 houten huizen).
Ten Ren's Tea Shop (Dundas Street West 454) is een mekka voor theefanaten. Een groot aanbod theesoorten en honderden handgemaakte theepotten. Een van die theesoorten heet 'monkey pick'; zo moeilijk te plukken dat daarvoor speciaal getrainde apen ingezet moeten worden. Zeggen ze.
Net zoals elke stad van enige omvang, heeft ook Toronto een groot aantal millennium-festiviteiten gepland. Locaties voor het spektakel zijn onder meer SkyDome, Harbourfront, Metro Toronto Convention Centre en de CN Tower.
Filmliefhebbers moeten begin september naar Toronto. Dan vindt daar het jaarlijkse Toronto International Film Festival plaats. Groot en gerenommeerd.
Veel en goede informatie over Toronto is te vinden op de website: www.toronto.com. Ook informatie biedt de website: www.city.toronto.on.ca.
image

image
image