Johan van Grinsven

Journalist, auteur, uitgever

I PUERTO RICO

Caribisch gebied

"Puerto Rico...it is a kind of lost love-child, born to the Spanish Empire and fostered by the United States." NICHOLAS WOLLASTON, auteur

PUERTO RICO IS AMERIKA MAAR OOK WEER NIET

Bumper aan bumper in San Juan

Puerto Rico is vol tegenstellingen. Het is Amerikaans en toch ook weer niet. Het is een eiland van casino's en tropisch regenwoud, van salsa en McDonald's, van rustige palmenstranden en kilometerslange files in San Juan. Maar de hoofdstad heeft ook een smetteloos gerestaureerde oude kern en dè cruisehaven van het Caribische gebied. Maar ook: parkeerpolitie die in kogelvrij vest haar werk doet.

Idyllisch plaatje van San Juan, de hoofdstad van Puerto Rico. Foto: Wei Zeng (Unsplash)

Puerto Rico is geen Bounty­eiland. Dat clichébeeld van hagelwitte, met palmbomen omzoomde stranden, van eeuwig deinende muziek en altijd relaxte inheemsen is niet weg te branden uit de toeristenhoofden als het gaat om een Caribisch eiland, élk Caribisch eiland. Maar een toerist in Puerto Rico heeft zelden het gevoel dat het leven er als stroop aan hem voorbijtrekt. Het levensritme wordt er niet bepaald door het temende tempo van de reggae, maar door de gepeperde salsamuziek.

Puerto Rico is een buitenbeentje, ook al is de geschiedenis niet uniek in de Caribische regio. Ook Puerto Rico is door Columbus 'ontdekt', in 1493. Ook Puerto Rico heeft eeuwenlang onder de Spaanse knoet gezeten; de Spanjaarden die andere veroverzuchtige naties eeuwenlang weerstonden. Niet alleen de Fransen en de Britten, ook de Nederlanders hebben hun poging gewaagd. Boudewijn Hendrickszoon belegerde in september en oktober 1625 enkele weken de hoofdstad San Juan. Maar in het ­ nu fraai gerestaureerde ­fort El Morro hielden de Spanjaarden stand en de Hollanders dropen brandstichtend af. Pas in 1989 namen de Amerikanen de macht op het eiland over van de Spanjaarden.
Puerto Rico is niet het grootste en niet het kleinste eiland in de regio; het meet zo'n 180 bij 65 kilometer, op de uitersten punten in alle vier de windstreken gerekend. Het eiland valt door iets anders op: de aparte band met Amerika; het is een 'geassocieerd' deel ervan. Dus zelfstandig, maar toch ook weer niet. Die aparte status heeft vreemde situaties opgeleverd. De ongeveer 3,7 miljoen Puerto­-Ricanen op het eiland hebben een Amerikaans paspoort, maar mogen niet stemmen tijdens de presidentsverkiezingen. De landgenoten die naar het Amerikaanse 'vasteland' zijn verhuisd, mogen dat wel. En dat zijn er al gauw zo'n twee miljoen (I want to be in America leert het liedje uit de West Side Story niet voor niets).

Stormachtig
De bijzondere band tussen Kleinduimpje en de Reus heeft het wel mogelijk gemaakt dat Puerto Rico de laatste twintig jaar een stormachtige ontwikkeling heeft doorgemaakt. Het kende een grote ecomische malaise, met werkloosheidspercentages boven de 50 procent. Nu is die drastisch verminderd, volgens de laatste officiële cijfers 14,1 procent. Puerto Rico profiteert van het feit dat het geen federale belastingen betaalt, maar wel aanspraak kan maken op federale Amerikaanse voorzieningen. Het vrije belastingregime heeft veel bedrijven aangetrokken, de halve Amerikaanse pharmaceutische industrie is er gevestigd. Deze profijtelijke omstandigheden voor Ondernemend Amerika heeft welvaart gebracht, voor een deel van de lokalen in ieder geval. Maar het heeft ook de samenleving in ijltempo veranderd van een rustige agrarische in een hectische industriële maatschappij.
Wat Puerto Rico in ieder geval niet van Amerika overgenomen heeft, is de ­ schijnbaar of niet ­ klassenloze maatschappij. Ongevraagd beginnen diverse Puerto­Ricanen over de verdeling van de samenleving, naar inkomensklassen. De 49-­jarige auteur Jaime Monge Rivera, verdeelt de samenleving haarfijn in zes groepen: van laag tot miljonairs en plakt bij elke categorie precies de bijhorende inkomens. Hij erkent ruiterlijk dat Puerto­-Ricanen gevoelig zijn voor status, vooral voor inkomen.
Neem de 25-­jarige Sonya Marrero, in dienst van de overheid. Goede komaf, veel gereisd, in Amerika en Europa gewoond en gestudeerd, maar nog nooit met het openbaar vervoer gegaan in Puerto Rico. Want dat is alleen voor de lage sociale klasse. En een avondje biljarten in een café als dertiger is not done, vindt zij. Op die leeftijd ga je niet in een café biljarten, dan koop je gewoon een biljart voor in je huis. Dan ga je dineren, naar theater en concerten. Of je inviteert vrienden bij je thuis, of in je strandhuis.

Kogelvrije vesten
De meeste toeristen zullen die onderhuidse spanning in de samenleving nauwelijks opmerken. Hoewel die in de hoofdstad San Juan toch ook dicht aan de oppervlakte ligt. Dure auto's, merkkleding en sieraden verraden het belang van uiterlijk vertoon. Chique restaurants met flessen wijn tot 500 dollar zijn er bijna even gemakkelijk te vinden als een McDonald's.
Uit de autoradio's van de jeugd die in het weekeinde bumper aan bumper door de stad kruipt, in kolossale files, schettert niet alleen salsamuziek, maar ook rap, hiphop, zwarte Amerikaanse muziek. Wie er voor open staat, doet bijzondere ervaringen op in San Juan. Een bezoekje aan discotheek Egipto is bijvoorbeeld zo'n wonderlijke ervaring. Binnen zijn elf mannetjesputters in stijlvol zwart kostuum actief, bij de ingang wordt iedereen gefouilleerd en buiten staan nog eens twee leden van een beveiligsbedrijf in militair camouflagepak stoer te wezen; oorschelp in, microfoontje voor de mond, handboeien aan de riem en heel losjes een geladen pistool in de holster op de heup.
Maar ook in een gewoon café, met wat biljarts, harde muziek, dansende en drinkende mensen, fouilleert een uitsmijter elke gast bij binnenkomst. En buiten op straat doet de parkeerpolitie in kogelvrijvest haar werk. Toch bezweert iedereen dat het eiland en San Juan veilig zijn. Een wandeling rond middernacht in het weekeinde in het uitgaansgebied van de hoofdstad geeft geen reden om dat te betwijfelen.
En toch. Puerto Rico wordt gebruikt als opstapje naar de Verenigde Staten door zowel Caribische en Latijns­-Amerikaanse illegalen als door Zuid­-Amerikaanse drugssyndicaten; ondanks dat beide 'uitwassen' met harde hand worden aangepakt. Volgens officiële bronnen heeft Puerto Rico bijna drie keer zo veel moorden per jaar dan Miami, wat toch ook niet bekend staat als het vredigste plekje op aarde. Twintig procent van de drugs die via de Puerto­-Ricaanse achterdeur Amerika worden binnengesmokkeld zouden op het eiland zelf worden geconsumeerd. Met alle bijhorende grote en kleine criminaliteit van dien.

Pastelkleuren
Hoofdstad San Juan is in veel opzichten ook een doorsnee Amerikaanse stad. De McDonald's en Burger Kings zijn er op bijna elke straathoek te vinden. Er zijn enkele immense shopping malls te vinden en alle bekende Amerikaanse winkels, van JC Penney's tot Ralph Lauren. En San Juan, met dik een miljoen inwoners, heeft te veel mensen op te weinig ruimte, zo zegt iedereen. Maar in het innemende oude centrum van de stad is van die drukte weinig te merken. Het smetteloze, pastelkleurige kleine stadsdeel vol zestiende­ en zeventiende­eeuwse Spaans koloniale architectuur bewijst dat de vele miljoenen dollars die in de restauratie gestoken zijn, goed besteed zijn.
Drukker is het aan Condado Avenue, het Miami Beach van San Juan. Daar zijn de uitgaansgelegenheden te vinden en veel luxe hotels. En San Juan heeft nog een belangrijke toeristische functie: het is dé cruisehaven in het Caribisch gebied. Geen wonder dat onder de Nederlandse reisorganisaties die Puerto Rico in hun brochures hebben opgenomen, veel cruisespecialisten zitten.

Regenwoud
Puerto Rico lijkt als vakantiebestemming het meest interessant voor degenen die een weekje strand willen vastplakken aan een cruise. Luxueuze (strand)hotels heeft het eiland genoeg, met of zonder golfbaan. En nagenoeg elk toonaangevend hotel heeft een eigen casino, want er mag vrijelijk gegokt worden.
Wie kiest voor een strandvakantie, heeft ook nog genoeg opties voor aardige excursies. Naar het oude deel van San Juan bijvoorbeeld. En naar het altijd klamme tropisch regenwoud Carribean National Forest, waar al sinds 1876 de natuur voorrang krijgt. Ook kunnen ondernemende toeristen in een huurauto naar Puerto Rico's tweede stad Ponce rijden, of naar het historische stadje San Germán. Of misschien wel naar Boquerón in het uiterste zuidwesten van het eiland. Daar is de echte sfeer van het Caribisch gebied te proeven. Een houten gehucht aan een baai. In een gammel cafeetje spelen gelooide en dikbuikige mannen in hemden een partijtje poolbiljart. Vanuit het café loop je zo de zee in. Een Hemingway­-achtige sfeer.
Een Spaanse­-Amerikaanse mengelmoes is het: El Burger Pub, een verkoper die met salsanummers meezingt achter zijn eetstalletje, Spaanse klanken, Amerikaanse dollars ('vier T­shirts voor 19 dollar'), gebutste Chevrolets en Buicks die nog maar één banddikte van de sloop verwijderd lijken te zijn, en veel schreeuwende neonreclames. Bud Light. Miller Genuine Draft.

Auto's
Dat Puerto Rico erg Amerikaans is, blijkt ook uit het autobezit. Een paar jaar geleden is dat geïnventariseerd: 1,2 miljoen stuks. In het weekeinde kost het dan ook zeeën van tijd om in San Juan een paar kilometer afstand af te leggen in een auto. Dan gaan de hoofdstedelingen ook bumper aan bumper naar de populaire stranden.
Buiten San Juan en omgeving valt het met de drukte erg mee. Puerto Rico heeft goede wegen en wegaanduidingen; de infrastructuur van het eiland is zo goed dat de overheid het heeft gewaagd om zich kandidaat te stellen voor de Olympische Spelen in 2004. Wie zelf met een auto op pad gaat, zou weinig problemen moeten ondervinden, ondanks dat driekwart van het eiland bergachtig is. Niet dat het binnenland overal even grote bekoringen verbergt; hoewel de toerist er groen in ontelbaar veel schakeringen tegenkomt.
Wel langs de belangrijkste doorgaande wegen: eetstalletjes, soms met een paar plastic stoeltjes of een paar banken. Ze verkopen er koude kokosnootmelk (coco frio), hot papas of sandwich de bistec. Een verkoper heeft op aanhanger een soort vitrine staan met daarin een heel varken aan het spit. Een enkele verkoper zoekt het in andere koopwaar; hij heeft minstens vijftig autobanden keurig in rijen voor zich in de berm uitgestald.

Orkaan Fran
Het is een maandagochtend twee weken geleden. Een tropische storm komt vanuit het oosten; na orkaan Fran het volgende natuurgeweld. Ook al wordt de grootste schade verwacht in het zuiden, toch spijkert op zondagavond ook de bevolking in het noorden de ramen dicht. De San Juan Star, een Engelstalige krant, kondigt aan dat de gouverneur die maandag alle mensen vrijaf geeft. Daarom ligt het openbare leven stil, gaat het internationale vliegveld van San Juan gaat 's middags op slot. De storm blijkt een orkaan, Hortense. Dinsdagochtend begint de inventarisatie: overstromingen, omvergeblazen huizen en minstens acht doden. Ook dat is Puerto Rico.

I  Gepubliceerd in oa De Stem, 21 september 1996

Het Spaanse fort El Morro in San Juan Puerto Rico. FOTO: Daniel Reyes

REISCOLUMN

Sonya

Ze heette Sonya en werkte voor het ministerie van Toerisme van Puerto Rico. Ze was mooi en dat wist ze. Ze was ook modebewust, hield zichtbaar van gouden sieraden en moest een week lang enkele Nederlandse journalisten begeleiden die op het Caribische eiland verbleven. Net als de meesten in Puerto Rico bleek ook Sonya gevoelig voor status. Want dat viel al snel op: in dit Amerikaanse buitengewest leek geld verdienen het hoogste goed.
De 'vrije geassocieerde staat' van Amerika kent een aanlokkelijk fiscaal stelsel, waardoor vele honderden Amerikaanse bedrijven kunnen profiteren van groot financieel voordeel. Maar in verhouding creëren ze veel minder werkgelegenheid dan gehoopt door de Puerto-Ricanen.
Niet voor niets ontvluchten velen het eiland en trekken naar het echte Amerika. Om daar in ghetto's van grote steden als New York en Miami opnieuw in de wurggreep van werkloosheid, armoede, alcohol, drugs en criminaliteit te komen. Wat een treurigheid: op het arme Puerto Rico kunnen ze alleen maar dromen van het rijke leven in de States, maar zijn ze eenmaal daar, dan verkommeren ze in achterbuurten en worden ze verteerd door heimwee.

Dat alles leerden we niet van Sonya. Geen woord erover. Sonya spuide feiten over het eiland, jaartallen, geschiedenislessen en veel, heel veel promopraat. De minister van Toerisme kon trots op haar zijn. Puerto Rico werd afgeschilderd als de grootste parel in het Caribisch gebied. Totdat Sonya na enkele dagen van wandelende reclameboodschap toch nog een gewoon mens werd. Ongedwongen, een beetje naïef zelfs, antwoordde ze op vragen over haar leven, haar familie, haar vrienden. Onbedoeld gaf ze zicht op een heel ander Puerto Rico dan zij moest promoten.
Wat het kostte om met de bus naar een bepaald strand te gaan, was de vraag. Met de bus? Dat wist ze echt niet. Ze was nog nooit met het openbaar vervoer geweest. Dat deden alleen mensen uit de lagere sociale klasse.
Sonya maakte deel uit van een kleine en afgeschermde lokale
upperclass, vader arts, moeder succesvol in de reisbranche. Zelf had ze gestudeerd in Oostenrijk en Italië en al heel wat van de wereld gezien. Hoe ze haar vrije tijd doorbracht? Met vrienden uit eten, naar het theater, wat rijden met de auto. En ze organiseerden voortdurend feestjes voor elkaar, in hun strandhuizen. Of gewoon thuis, in hun bewaakte villawijken.
Op een tropische zomeravond wandelden een collega en ik door hoofdstad San Juan. Het bruiste op straat. We vonden een café om wat te drinken, keken er tv, zagen enkele gasten dansen en anderen biljarten. Een weinig bijzondere, maar desondanks gezellige avond werd het. De volgende dag was Sonya verbijsterd. Zomaar naar een café gaan! De ondertoon was duidelijk: we hadden het gewaagd ons te mengen met het gepeupel. Maar wat doen jullie dan als je wilt biljarten, vroegen we haar. Het antwoord was van een schokkende eenvoud: 'Dan koop je zelf een biljart. Dan kun je met je vrienden spelen wanneer je wilt'.

Vanaf dat moment was Puerto Rico een ander Caribisch eiland. De parkeerwachters die gewapend hun werk deden begonnen echt op te vallen. En we stoorden ons aan de krijgshaftige pseudo-militairen, ook al gewapend, voor de discotheek. Ook herinnerden we ons weer dat zelfs in dat doodgewone café een potige uitsmijter zat. En eigenlijk verloren vanaf dat moment de dorpjes op het platteland hun karakteristieke tropische charme en werden het mestvaalten voor
losers. Levensgroot gaapte daar ineens de kloof tussen de Grote Amerikaanse Droom - die van krantenjongen tot miljonair - en de ontluisterende Puerto-Ricaanse werkelijkheid.
Maar de meeste toeristen die een cruise in het Caribisch gebied verlengen met een strandvakantie op Puerto Rico hebben daar geen weet van. Omdat ze in de beschermde omgeving van hun vijfsterrenhotels blijven; de wereld van airco, roomservice en luxe excursies. Of ze moeten Sonya tegenkomen, die het allemaal vertelt zonder er ook maar één woord direct aan te wijden.

I  Gepubliceerd in oa Brabants Dagblad, 1998

Praktisch

De Nederlandse luchtvaartmaatschappij Martinair vliegt vanaf begin november op Puerto Rico. Daardoor hebben dertien Nederlandse reisorganisaties (waaronder veel cruisespecialisten) het Caribische eiland in hun brochures opgenomen.


De Puerto­Ricanen spreken bijna allen naast Spaans ook Engels; de munteenheid is de Amerikaanse dollar. Het (duurdere) hoogseizoen valt tussen oktober en maart. De Nederlandse zomermaanden zijn Puerto Rico's orkaanseizoen.
Het 'levensonderhoud' voor toeristen (eten, drinken) is er iets goedkoper dan in Nederland. De gratis lokale kwartaaluitgave 'Qué pasa' ­ te vinden in elk hotel en bij de toeristendienst ­ geeft veel informatie, over wandelingen, hotels, restaurants en dergelijke.

Op straat in San Juan. FOTO: Ricardo Alfaro

MIJN MOTTO

Your easy reading is damned hard writing

Nathaniel Hawthorne

RECHTEN

© Teksten: Johan van Grinsven
© Ontwerp: 013 Media

Het auteursrecht van informatie en beeldmateriaal op deze website berust bij de genoemde fotografen of bij Johan van Grinsven. Dit geldt eveneens voor andere illustraties, logo's en dergelijke. Het is niet toegestaan zonder toestemming van Johan van Grinsven (of de andere belanghebbenden) informatie en beelden van deze website te kopiëren, op enigerlei wijze openbaar te maken, te gebruiken, te vermenigvuldigen en/of te bewerken. 

RECHTEN FOTO'S

© Foto's: Luuk Aarts, Marc Bolsius, Johan van Grinsven, Frank Trommelen, Frans van Halder, Toine van Berkel, Hetty Meijer, Jon Loek/Team Peter Stigter, Joske en Jip ten Bosch, Kuido Merits, Lara van Grinsven, Lauran Wijffels, Marie-Thérèse Kierkels, Rik Goverde, Robert de Vries, Virginy Joosen, Wieke Hoeke, Persburo Van Eijndhoven/Beeld Werkt, Jack Aarts, Luis Terrazza, AImée de Jongh (illustratie), Toronto Tourism, Fred van Laarhoven, Hans van Alebeek, Thomas Segers, Edwin Diependaal, Henry Kisor, Jean-Luc Rohner, Fotoburo Dijkstra.

FOTO'S VIA UNSPLASH

© Ricardo Alfaro, Robert V. Ruggiero, Wei Zeng, Daniel Reyes, Jonathan Mast, Aaron Burden, Eli Armas, Max Templeton, Wim Bollen, Paul Teysen, Dennis Buchner, Hayo Roskam, Sies Kranen, Malcolm Lightbody, Gio Mikava, Vlado Sestan, Joel Rohland.